Mogelijke gedwongen verhuizing nabestaanden van een overledene

College van Burgemeester & Wethouders

Postbus 35

4600 AA Bergen op Zoom

Onderwerp: mogelijke gedwongen verhuizing nabestaanden van een overledene

Bergen op Zoom, 19 mei 2021

 

Geacht college,

Onlangs ontving Lijst Linssen informatie over een mogelijke gedwongen verhuizing van nabestaanden van een overleden bewoner, de huurder van het pand. Een van de nabestaanden is ook nog minderjarig. Deze nabestaanden, de kinderen, zijn formeel geen medehuurder van het pand.

De nabestaanden gaan al door een moeilijke periode heen; ze moeten een rouwproces doormaken vanwege het overlijden van hun moeder en ze moeten daarnaast binnen afzienbare tijd verhuizen omdat ze geen hoofd/medehuurder van het pand zijn. Dat heeft behoorlijke impact op deze mensen.

Wellicht zijn er meer van dergelijke schrijnende gevallen bekend. Bij Lijst Linssen stuit een dergelijke gang van zaken ernstig tegen de borst.

Bovendien vinden er veel verhuisbewegingen plaats; de huidige nabestaanden moeten verhuizen en andere huurders gaan het huis betrekken van de overleden huurder. Wellicht is dat te voorkomen.

In dit verband heeft Lijst Linssen de volgende vragen aan het college:

  1. Bent u het met Lijst Linssen eens dat een dergelijk noodzakelijke verhuizing een behoorlijk negatieve impact heeft op de huidige bewoners, de nabestaanden?
  2. Bent u bereid om met Stadlander in overleg te treden teneinde de van toepassing zijnde procedures zodanig te wijzigen dat de nabestaanden de hoofdhuurder van de woning kunnen worden? Nu kunnen kinderen, omdat ze geen medehuurder zijn, in veel gevallen niet de huur van de woning overnemen en worden ze gedwongen om na enkele maanden te verhuizen.

Een mogelijk gedwongen verhuizing leidt tot veel (onnodige) verhuisbewegingen. Nieuwe huurders betrekken het huis van de overleden huurder; de kinderen moeten naar een ander huis vertrekken.

  1. Bent u bereid om ook dit aspect met Stadlander te bespreken?

Gewenste wijze van beantwoording: schriftelijk cf. art.36 van het RvO.

 

Met vriendelijk groet namens Lijst Linssen,

 

Drs. A.F.M. Siebelink, raadslid